Rouwverwerking

In ons dagelijks leven denken en praten we weinig over de dood, misschien omdat we er niet zoveel meer mee geconfronteerd worden als vroeger.
Het verlies van een broer of zus, kind op jongere leeftijd kwam vroeger veel vaker voor dan nu. Velen van ons worden pas op latere leeftijd geconfronteerd met het overlijden van een dierbare. Daardoor hebben we minder kans gehad om ervaring op te doen met rouwverwerking. Als we onverwacht geconfronteerd worden met de dood van iemand die we graag zien zijn we vaak mentaal niet voorbereid.

Bij rouwen gaat het niet om één gevoel, maar om een chaos van verschillende gevoelens. De verwerking ervan vraagt veel tijd en verschilt van persoon tot persoon. Alhoewel rouw het vaakst voorkomt na de dood van iemand die we gedurende een zekere tijd hebben gekend,
kunnen mensen bij de dood van een pasgeborene of na een miskraam een gelijkaardige ervaring van rouw doormaken.
Rouwen is een manier om verdriet te verwerken. Iedereen rouwt op zijn persoonlijke manier. Het rouwproces is in tijd, in reacties en gevoelens voor elk van ons uniek.

  • Als u ergens mee zit, aarzel dan niet om er vragen over te stellen.
  • Laat de gevoelens rond het overlijden tot u doordringen en praat er met familie en met anderen over.
  • Verwacht niet dat uw herinneringen of gedachten aan het overlijden en de overledene zullen vervagen.
  • Maak tijd vrij om voldoende te rusten, na te denken en samen te zijn met de familie of goede vrienden.
  • Laat ook de anderen delen in uw verdriet.
  • Geef uw kinderen de kans hun gevoelens uit te drukken of onder woorden te brengen (in spel of door middel van een tekening b.v.).
  • Probeer geduld te hebben met uzelf.
  • Verwen uzelf maar eens.
  • Het schrijven in een dagboek kan opluchten
  • Als u gelovig bent, kunt u steun vinden in uw geloofsgemeenschap of bij de pastoor of religieuze leider.
  • Als u niet gelovig bent, kunt u steun zoeken bij een moreel consulent.
  • Wees voorzichtig tijdens het autorijden, tijdens het werk of wanneer u thuis klussen uitvoert. Tijdens periodes van spanning of overbelasting is de kans op een ongeval groter.

Enkele tips ter ondersteuning:

  • Geef juiste en duidelijke informatie in eenvoudige woorden.
  • Verberg uw gevoelens niet, ween in hun aanwezigheid. Als zij uw verdriet zien, kunnen ze begrijpen wat verdriet is.
  • Beantwoord al hun vragen en als u het antwoord niet weet, kunt u dat ook zeggen.
  • Probeer duidelijk te maken dat wie dood is niets meer voelt, geen honger heeft, geen kou voelt. Soms fantaseren kinderen hierover.
  • Probeer herinneringen aan de overledene in stand te houden, praat samen over hem of haar.
  • Maak duidelijk dat verdriet lang kan duren en dat zij zich daar niet over hoeven te schamen.
  • Er bestaan goede boeken over de dood voor kinderen en adolescenten.
  • Laat hen zo vlug mogelijk de gewone activiteiten hervatten, dat geeft een gevoel van veiligheid.